Klassiek concours

Finalisten, avond II

Maak kennis met de finalisten van uitzending I I

  • Hier vind je info over uitzendavond II
  • Hier vind je info over de Nationale Finale

Julian Jeukendrup (14 jaar, Velp) speelt viool. Hij koos onder meer voor een werk van de onbekende componist Vecsey. Eén noot in het stuk deed hem denken aan het schilderij De Schreeuw van kunstschilder Edvard Munch. ‘Dit schilderij past goed bij de tijdsperiode van de stukken en ook bij dat van Vecsey. Daar zit één mooie noot in en dat is echt een schreeuw!’

Julian: ‘Ik had dat stuk van Vecsey gehoord, gespeeld door een cellist, gek genoeg. Ik vond het een heel mooi stuk en toen hebben we opgezocht wat het was. We kwamen erachter dat het eigenlijk voor viool was geschreven. Dat wilde ik ook spelen. Het stuk past ook goed bij de Kreisler, het andere werk dat ik speel. Het lijkt me ook leuk om in de toekomst meer werken van onbekendere componisten te gaan spelen.’ Julian nam een afbeelding van De Schreeuw mee naar de repetities. Hij heeft vooral belangstelling voor architectuur, maar zeker ook voor schilderijen. Rembrandt en Vermeer vindt hij goede schilders, hoewel hij niet echt een favoriet heeft.

Zijn er ook voordelen aan een online concours? ‘Ja, vast wel. Er kunnen misschien meer mensen meedoen, want er was geen limiet?’ Dat klopt inderdaad. ‘Door een concours word je misschien ook wel beter, doordat je meer gaat studeren. Dan gaan er dus meer mensen beter spelen, zo zou je het kunnen zien.’

Voor zichzelf vond Julian het wel jammer dat er geen publiek bij was. Toch zou hij liever voor zijn docent spelen, als hij moet kiezen tussen spelen voor familie en vrienden of zijn docent. ‘Omdat ik dan weer iets nieuws kan leren. Mijn docent weet altijd wel iets dat ik kan verbeteren.’

En liever optreden in concertkleding of in spijkerbroek en sneakers? ‘Tja, dat is heel moeilijk. Ik denk toch liever concertkleding, niet omdat het lekkerder zou zitten, dat is niet het geval, vind ik. Maar op de een of andere manier past het bij elkaar: muziek en er een beetje netjes uitzien.’

Wat is zijn grootste droom op muzikaal gebied? ‘In ieder geval een concours winnen. Dat zou ik erg leuk vinden. Ik had totaal niet verwacht dat ik een prijs zou winnen op het regioconcours. Maar ook in een grote zaal spelen, met veel publiek: ja, geweldig.’

 

Jappe Dendievel (16 jaar, Oostkamp, België) begon als kind op viool, maar koos uiteindelijk voor de fagot. In eerste instantie omdat er weinig fagottisten zijn en hij daardoor sneller in een orkest zou kunnen spelen. Nu is de fagot hem dierbaar. Zijn droom is fagottist worden in een orkest.

Het was voor Jappe een totale verrassing dat hij in de Nationale Finale belandde. Hij deed voor het eerst mee aan het Prinses Christina Concours. ‘Ik had geen idee! Ik heb mijn best gedaan met de opname en deze gewoon ingestuurd, en ik zou wel zien wat er ging gebeuren.’ Jappe nam zijn video op in het Conservatorium van Antwerpen, waar hij ook studeert. Hoe vond hij het om in Gasthuis Leeuwenbergh te repeteren voor de finale? ‘Zeer interessant. De locatie waar ik mijn inzending heb opgenomen is compleet anders, dus dat was wel even aanpassen qua akoestiek, ritme en tempi.’

Jappe begon al op driejarige leeftijd met vioolspelen. Hoe kwam hij dan bij fagot? ‘Dat is misschien wel een grappig verhaal. Mijn oudste broer is dirigent en studeert in Duitsland. Na een paar jaar vioolspelen, moest ik besluiten met welk instrument ik verder ging. Mijn broer zei dat er weinig fagottisten zijn in de muziekwereld. Daarom ben ik met fagot begonnen en uiteindelijk is dat een instrument geworden dat nauw aan mijn hart ligt.’

In de regiofinale heeft Jappe een masterclass gewonnen bij een Nederlandse musicus. Weet hij al bij wie hij deze wil gaan volgen? ‘Dat is een moeilijke keuze, dat weet ik nog niet. Ik heb al bij een aantal Nederlandse musici les kunnen volgen, zoals bij Gustavo Núñez van het Concertgebouworkest, en dat was zeer interessant. Misschien opnieuw bij hem of bij een andere leerkracht.’ Iemand van wie Jappe in het buitenland graag les zou willen, is Sergio Azzolini. ‘Dat is zo’n beetje de meest bekende fagottist ter wereld. Ik heb twee keer een masterclass bij hem mogen volgen. Ongelooflijk dat hij ondanks zijn bekendheid, zo vriendelijk en open is en op zo’n intensieve manier lesgeeft. Hij is barokspecialist en hij speelt altijd op oude instrumenten, dus dat zal heel interessant zijn. Ik wil ook graag barok fagotteren.’

Normaal gesproken zou Jappe in deze periode concerten geven met het Nationaal Jeugdorkest van Vlaanderen, waarvoor hij in 2020 geselecteerd werd. Na corona wil hij graag weer een concert voor een volle zaal kunnen geven, zeker in orkestverband. Uiteindelijk is dat ook zijn grootste muzikale droom: ‘Fagottist worden in een orkest. Om in een toporkest te spelen met andere muzikanten, op zeer hoog niveau. Misschien het Concertgebouworkest?’

Norea Quirijnen (16 jaar, Zutphen) speelt altviool. Ze heeft twee grote dromen: een eigen strijkkwartet en studeren in Wenen of Rusland. Dat laatste heeft alles te maken met een bijzondere ontmoeting. Een aandenken daaraan bewaart Norea in haar vioolkoffer.

In 2019 behaalde Norea al een eervolle vermelding in de Halve Finale. Had ze verwacht dat ze de Nationale Finale zou bereiken? ‘Nee, eerlijk gezegd wist ik ook niet dat ik meteen naar de finale ging. Ik dacht eerst dat het de halve finale was. Maar het gaat dit jaar natuurlijk anders.’ Zelf vindt Norea het fijner om live voor andere mensen te spelen. ‘Dan krijg je energie terug. Toch denk ik dat het voor veel mensen goed is om een keer zo’n opname te maken, in deze nieuwe wereld. Ik had al eerder wat opnames gemaakt, dus ik was al een beetje gewend om voor lege zalen te spelen,’ lacht ze.

Norea zit op een internationale school in België. Daar combineert ze ‘gewoon’ onderwijs met een muziekstudie. ‘Dat is wel lastig om te combineren, als ik heel eerlijk ben. Het heet Musica Mundi en het is in Waterloo. De school zit in een soort oud landhuis. Er zijn maar 37 studenten en die worden dus allemaal opgeleid in muziek, maar je kunt ook nog iets daarnaast doen als je dat wilt. Je wordt opgeleid voor de muziekwereld, maar je haalt wel een diploma. Dus je kunt daarna bijvoorbeeld ook scheikunde studeren.’

Wat gaat ze als eerste doen zodra corona voorbij is? ‘Eigenlijk wel een goede vraag, het is al zo lang geleden! Mijn school ligt vlakbij Brussel, dus ik denk dat ik een dagje naar Brussel zou gaan om iets leuks te doen. Of vrienden opzoeken, naar een zwembad gaan, of naar een meer in de zomer. Weer normaal onder de mensen zijn, zonder al die mondkappen.’

En als we dan nog verder in de toekomst kijken: welke muzikale droom heeft Norea? ‘Ik heb eigenlijk twee dingen, als dat mag.’ Natuurlijk, droom groot! ‘Ik wil heel graag in een vast strijkkwartet spelen en overal concerten geven. Dat is wel een hele grote droom van mij. Al sinds ik heel klein ben, heb ik altijd de droom gehad om in Wenen of Rusland te studeren. Toen ik acht was, kwam er een Russisch orkest naar Nederland. De leden gingen kleine kinderen korte lesjes geven om hen voor het instrument te interesseren. Ik werd toen helemaal verliefd op de viool. Van de Russische vrouw die mij mijn eerste vioolles gaf, kreeg ik een klein knuffeltje. Zij had in Wenen en Rusland gestudeerd en van een docent dat knuffeltje gekregen. Zij gaf het aan mij en ik bewaar het knuffeltje nog steeds in mijn vioolkoffer. Uiteindelijk hoop ik het ook door te geven.’

 

Adam Akopian (12 jaar, Apeldoorn) speelt piano en bereidt zich voor op de finale door ook nu veel te oefenen. Hij kijkt uit naar de periode na corona. Dan wil hij graag naar Frankrijk om zijn pasgeboren neefje te bezoeken.

‘Ik vind het heel bijzonder om in de finale te staan,’ zegt Adam. ‘Ik had het totaal niet verwacht. Nu moet ik zoveel mogelijk mijn best doen en heel hard oefenen om ook de finale door te komen.’ Hij heeft veel gestudeerd op de drie stukken die hij gaat spelen. ‘Als ik me goed voorbereid ben ik zekerder van mijn zaak, dan kan ik met minder zenuwen optreden.’

Behalve een etude van Liszt speelt Adam twee stukken van Armeense componisten. Heeft hij daar een speciaal gevoel bij, omdat hij zelf ook van Armeense afkomst is? ‘Onder andere. Ik heb bijvoorbeeld het stuk van Komitas Vardapet gekozen, Garun a – letterlijk vertaald: het is lente – omdat dit stuk mij heel erg raakte. Toen ik het voor het eerst hoorde, wilde ik het ook gaan spelen. Mijn moeder had de bladmuziek, dus ik probeerde het eerst uit. Daarna ben ik écht gaan oefenen.’ Adam heeft ook zich ook in de achtergrond van deze componist verdiept. ‘Komitas is niet zijn echte naam en Vardapet betekent priester. Ik weet wel wat zijn echte naam is, maar ik kan het niet echt uitspreken. Vardapet is ook geen typisch Armeense achternaam, maar hij was wel een priester vroeger.’

Als Adam moet kiezen, zou hij dan liever spelen voor zijn docent of voor zijn vrienden? ‘Dat is best moeilijk, want ik hou wel van wat publiek. Maar mijn docent helpt mij veel meer met mijn stukken en werkt met mij op iedere noot. Dus dan kies ik toch spelen voor mijn docent.’

En optreden in concertkleding of in spijkerbroek en gymschoenen? ‘Nee, in concertkleding! Daar voel ik mij toch wel het fijnst bij. Dat geeft meer een podiumgevoel en ik ben dat ook gewend.’

Wat gaat hij als eerste doen zodra corona voorbij is? ‘Stel dat het voor de zomervakantie voorbij is, dan wil ik graag naar Frankrijk toe. Daar woont familie van ons en ik wil mijn pasgeboren neefje zien. Dat is het eerste wat ik zou doen. Ik heb mijn familie daar al twee jaar niet gezien. Dat is niet fijn.’

Het duo Kira van der Woerd (15 jaar, Voorburg) en Philip Karmanov (16 jaar, Maarssen) werd verrast met een eerste prijs op het regioconcours. Nu zitten we wel een beetje aan elkaar vast, dachten ze. Maar ook: zeker in deze tijden is het fijn om met z’n tweeën te mogen spelen.

Kira (viool) en Philip (piano) leerden elkaar kennen op de Academie Muzikaal Talent, waar ze allebei al enkele jaren lessen volgen. Philip: ‘We waren vorig jaar uitgenodigd voor een tournee in Rusland. Daarvoor hadden we een duo gevormd, om in plaats van alleen maar solo te spelen ook wat samen te doen. De tournee ging helaas niet door. Rusland had de grenzen dichtgegooid vanwege corona. We besloten het samenspelen toch door te zetten, want het leek ons ook gewoon leuk.’

Kira: ‘Het klinkt misschien een beetje gek, maar toen we hoorden dat we een eerste prijs hadden gewonnen, dachten we: oh, dat is onverwacht, we zitten nu wel een beetje aan elkaar vast! Maar we zijn hier natuurlijk ook aan begonnen om het voort te zetten. We hadden ook plannen om met z’n tweeën naar een festival in België te gaan. Dus we willen wel graag met z’n tweetjes door.’

Zouden ze liever voor hun docent willen spelen of voor vrienden en familie? Kira, direct: ‘Docent.’ Philip: ‘Ik zou het echt niet weten! Voor vrienden en familie zou het leuk zijn om het één keer te doen. Dus als je echt iets goed hebt voorbereid, om te laten zien: dit kan ik. Voor een docent spelen is nuttiger. Want die kan aanwijzingen geven en je helpen om het nog beter te spelen. Je vrienden zitten gewoon te klappen, ook al is het verschrikkelijk slecht gedaan!’ Kira: “Ik zou het graag voor mijn docent willen spleen. Ook omdat zij het hartstikke druk heeft, dus het zou fijn zijn als ze in de zaal zit. Voor familie en vrienden vind ik altijd heel oncomfortabel, omdat je weet dat je deze mensen altijd terug zult zien. Er is altijd een herinnering aan dat moment.’ Philip: ‘Het is leuker mét familie en vrienden, dan vóór familie en vrienden. In een ensemble bijvoorbeeld.’ Moeten die vrienden en familie wel muzikaal zijn natuurlijk, lachen ze.

Wat gaan Kira en Philip als eerste doen na corona? ‘Eindeloos repeteren’, lacht Kira. ‘Constant met andere mensen muziek maken! Dat mis ik echt heel erg. Als ik nu terugkom van een repetitie, ben ik super geïnspireerd. Het is dan echt een klap in je gezicht als het allemaal weer online moet, na één live repetitie. Dus zodra dit voorbij is: repeteren, repeteren, repeteren!’ Philip: ‘Daar is het festival ook voor. In België gaan we twee weken lang kamermuziek maken. In juli-augustus is dat.’

Kira: ‘Natuurlijk wel binnen alle coronamaatregelen.’ Philip: ‘Het is niet voor de camera, het is echt met elkaar. ‘De leerlingen die niet spelen zitten dan in de zaal. Dan kun je stukken luisteren, dat is ook inspirerend’, vertelt Kira. ‘Ik ben vorig jaar ook geweest, het is hartstikke gaaf. Je zit daar echt in een bubbel van ongeveer 40 mensen. Dat zijn dan ook de enige mensen met wie je omgaat in die twee weken.’ Philip: ‘Je gaat daar ook niet weg in die twee weken. Dus na een week als niemand positief is, kunnen we mooi de maatregelen afschaffen.’